Fig.1. Leeuwte 35 in 2024 (foto: Henk de Zeeuw)
In 1832 staat Jan Post (1782-1851, landbouwer) in het dan beginnende Kadaster te boek als eigenaar van de boerderij op deze plek. Jan trouwde in 1801 met z’n nicht Harmpje Zandbergen (1780-1848).
In 1849 trouwt zijn zoon, ook Jan Post geheten (1811-1874), met Willempje Tink (1831-1888). Na het overlijden van zijn vader in 1851 wordt hij de nieuwe eigenaar van dit boerderijtje.
Jan Post Junior overlijdt in 1874 en het jaar daarna trouwt Jan’s dochter Harmpje Post (1853-1921) met Jacob Prins (1851-1893). Jacob laat dan een nieuw boerderijtje bouwen naast het oude huis. De oude boerderij (mogelijk midden 18e eeuw gebouwd) wordt vervolgens gesloopt. Jan was arbeider maar wordt nu dus (ook) boer.

De schuur van het huis was toen de helft kleiner dan tegenwoordig en het is zeer waarschijnlijk dat Jan van het boerengedoetje alleen niet kon bestaan en daarnaast als arbeider werkte of andere inkomensbronnen had.

Het voorhuis bestond uit een grote kamer, met drie bedsteden en een schouw, en een woonkeuken. Onder de bedsteden was een kelder met de ingang waarschijnlijk vanaf de spoelplaats op de deel. De paar koeien en/of geiten stonden waarschijnlijk langs de linkerzijde en het hooi in het midden. Rechts tussen de deuren was ruimte voor het paard (als ze die hadden), varkens en/of opslag.
De officiële boedelscheiding is pas in 1888, waarbij Jacob Prins en Harmpje elk voor de helft eigenaar worden. Jacob zou daar niet zolang van genieten, want hij overlijdt een paar jaar later op 42-jarige leeftijd. Hij wordt opgevolgd door zijn zoon Harm (Jacob’s) Prins (1879-1934, dan dus nog maar 14 jaar oud) die na het overlijden van zijn moeder in 1922 trouwt met Geertruida Lassche (1893-1978).
Na Harms overlijden in 1934 erven Geertruida (2/3) en de nog zeer jonge kinderen (Harmpje, 12 jaar en Harm, 11 jaar; elk 1/6) de boerderij. Je vraagt je af hoe ze zich hebben gered in die periode.
Harm (Harm’s) Prins (1923-2012) moest dus -net als zijn vader- al vroeg aan de bak. Harm bleef zijn hele leven ongetrouwd. Zijn moeder woonde tot haar dood in 1978 bij hem in.
Harm verlengt in 1956 (?) de schuur met zo’n 2 meter om dwars achterin de schuur een grupstal te kunnen zetten (de oude daklijn en achtermuur zijn gestippeld). Aan de zijkant van het huis werd een wc toegevoegd.


In 1971 laat Harm een wagenschuur bouwen links van de boerderij.

Tijdens de ruilverkaveling kon Harm prins er ruim 5 hectare bijkopen (van zijn bejaarde buurman Jan Weijs, Leeuwte 41) en kreeg hij mogelijkheden om te investeren in een nieuwe stal die hij in 1969 laat neerzetten achter en opzij van de boerderij. Daardoor kon hij uitbreiden naar zo’n 20 melkkoeien. Onder de verlenging van de oude boerderij komt een mestkelder en op de deel komt een melkkamer.


Harm was -voor zijn tijd- best een vooruitstrevende boer die in lokale besturen actief was (o.a. als dijkgraaf van het waterschap Vollenhove). Hij gaat over op tankmelken en in 1985 breidt hij het aantal koeien nog uit, maar in 1993 stopt hij- al op gevorderde leeftijd- met de melkveehouderij.

Na het overlijden van Harm in 2012 wordt de boerderij in 2015 gekocht door Ronnie Lassche en Anja van Benthem. Zij verbouwen in de navolgende jaren de boerderij tot woonhuis en verduurzamen het, waarbij ze de authentieke kenmerken zoveel mogelijk handhaafden (zo werden de oude bedsteedeuren (zie fig. 9) hergebruikt in het atelier. Met positief resultaat!



